Fertility Belgium

Procedure

Een ivf-behandeling verloopt steeds volgens een vast stappenplan:

Ivf-procedure infografiek

1. Consultatie

Tijdens de eerste consultatie wordt een kennismakingsgesprek gehouden met de arts. Het koppel of de patiënte wordt uitgebreid geïnformeerd over onder andere de werkwijze, de slaagkansen en de timing. Tevens is dit een ideaal ogenblik om zelf vragen te stellen of bezorgdheden te uiten. Hierna kan dan eventueel een planning en praktische afspraken opgemaakt worden, en wordt eventueel ook een rondleiding gegeven met kennismaking van onze medewerkers in het ivf-centrum.

 
Foto

2. Stimulatie (medicatie)

Bij een normale menstruatiecyclus rijpt één eicel per cyclus. Bij een ivf-behandeling zijn er idealiter meer eicellen nodig om de kans op succes zo groot mogelijk te maken. Door hormonale medicatie toe te dienen aan de vrouw kunnen er zich verschillende eicellen tegelijkertijd in de eierstok ontwikkelen. Er wordt voor elke vrouw een individueel stimulatieschema opgesteld.

Het toedienen van de hormonale medicatie wordt de patiënte zelf aangeleerd door de verpleegkundige. In bepaalde gevallen kan ook beroep gedaan worden op de huisarts of een verpleegkundige. Op gezette tijden wordt een echografische en hormonale evaluatie van deze stimulatie doorgevoerd. Afhankelijk van de resultaten wordt eventueel het stimulatieschema aangepast.

 
Foto

3. Punctie (het wegnemen van de rijpe eicellen)

Timing is in deze fase cruciaal. Bij rijpe follikels wordt de eisprong hormonaal in gang gezet door het toedienen van een speciaal hormoonpreparaat. De eisprong zelf vindt normaal gezien 37 à 40 uur later plaats, maar wanneer de eicellen voldoende rijp zijn, net voor de eigenlijk eisprong, halen we ze uit het lichaam via een follikelpunctie onder lichte verdoving. Het follikelvocht, met daarin de rijpe eicellen, wordt opgezogen. Na een microscopische kwaliteitcheck door de laborant(e) worden de eicellen voor verdere rijping in een voedingsbodem geplaatst in het labo. Het verzamelen van de eicellen duurt ongeveer 15 à 30 minuten. 

Tegelijk met de punctie geeft ook de man zijn spermastaal af. Er kan een tweede staal nodig blijken, dus dient de man op die dag steeds beschikbaar te zijn. 

Ter voorbereiding van de punctie dient een patiënte zich samen met haar partner anderhalf uur voordien nuchter (!) aan te melden in het ivf-centrum. De punctie zelf gebeurt onder lichte algemene verdoving en eventuele pijnmedicatie via een infuus van de anesthesie. Uitzonderlijk gebeurt een eicelpunctie ook wel enkel onder lokale verdoving. Na de punctie blijft de patiënte even in het ziekenhuis ter observatie na de algemene verdoving, maar normalerwijze kan zij drie uur later het ivf-centrum verlaten. 

 
Foto

4. Fertilisatie (de eigenlijke bevruchting)

Enkele uren nadat de eicellen uit het lichaam zijn weggenomen, worden ze in het labo samengebracht met de zaadcellen van de partner. Nu gebeurt de eigenlijke bevruchting (fertilisatie). Dit is met andere woorden de kern van In Vitro Fertilisatie (= bevruchting buiten het lichaam). 

De dag na de fertilisatie is er sowieso al duidelijkheid over een eventuele bevruchting, en zo ja ook over het aantal bekomen embryo’s (we spreken van een embryo wanneer een eicel bevrucht is door een zaadcel). Patiënten worden sowieso altijd de dag zelf door ikzelf of de verantwoordelijke embryoloog telefonisch op de hoogte gebracht van het resultaat.

 
Foto

De rechtstreekse bevruchting gebeurt steeds volgens hetzelfde stramien. Minimum 2 uur na de punctie spoelt de laborant of embryoloog de eicellen in een specifiek medium met voedingsbodem en worden ze in een schaaltje geplaatst. Het spermastaal van de man wordt ondertussen op een bepaalde wijze bewerkt zodat de best bewegelijke zaadcellen kunnen worden geselecteerd (capacitatie). Vervolgens worden de zaadcellen samengebracht met de eicellen en in een incubator (surrogaat baarmoeder) geplaatst. Door de regeling van de temperatuur (ca 37°C) en het CO²-gehalte wordt in dit apparaat de baarmoeder nagebootst. Circa 16 à 18 uur later worden de eicellen dan verplaatst naar een schaaltje met vers medium. De embryoloog/laborant kan nu de eicellen observeren en beoordelen of er effectief ook een bevruchting heeft plaats gevonden. Indien dit het geval is, spreekt men van een zygote. 

Wanneer een rechtstreekse ivf-bevruchting zoals hierboven uitgelegd niet mogelijk blijkt te zijn, zijn er een aantal alternatieve methodes mogelijk. Meer info hierover vindt u onder 'Bijzonderheden'.

5. Transfer (het terugplaatsen van embryo(’s))

In de dagen na punctie en fertilisatie delen de bevruchtte eicellen zich verder. Vanaf dan spreken we definitief van embryo's. 

Afhankelijk van de leeftijd van een patiënte en van de kwaliteit van de embryo's, worden één of twee embryo’s teruggeplaatst in de baarmoeder. Deze hoeveelheid is wettelijk bepaald in België en mag niet overschreden worden. Enkel voor patiënten van veertig jaar oud (en ouder) is er geen wettelijke beperking omtrent het aantal terug te plaatsen embryo's. 

 
Foto

De opvolging, beoordeling en uiteindelijk transfer van de embryo's gebeurt tussen de 2de en de 5de dag na de punctie, en altijd in samenspraak tussen de patiënte, de gynaecoloog en het labo. Een transfer komt pas in aanmerking na een grondige beoordeling van de embryo's op basis van een drietal parameters:

  1. Het aantal cellen (blastomeren) waaruit het embryo bestaat
  2. De gelijkmatigheid van deze blastomeren
  3. De fragmentatie van de blastomeren

De combinatie van deze 3 parameters bepaalt eigenlijk de kwaliteit van een embryo. Met andere woorden, tijdens de beoordeling van de embryo's wordt bepaald wat ermee zal gebeuren. Er zijn 3 mogelijkheden:

  1. Vernietiging van embryo's die niet verder delen of van slechte kwaliteit zijn
  2. Invriezen of cryopreservatie
  3. Terugplaatsen via de  embryotransfer in de baarmoeder. Het terugplaatsen is pijnloos, en er is dus geen verdoving nodig.

6. Resultaat

Na de embryotransfer is het spannend afwachten op een eventuele innesteling. In deze fase wordt er bijkomende medicatie toegediend om de baarmoeder rustig te stellen en zodoende optimale voorwaarden te creëeren voor de implantatie van de embryo's. 

Het afwachten van het resultaat kan - vanzelfsprekend - een zeer stresserende periode zijn voor een patiënte en haar partner. Ons hele fertiliteitsteam staat dan ook altijd paraat voor begeleiding en ondersteuning.

Vijftien dagen na de eicelpunctie weten we of de vrouw zwanger is, aan de hand van een stijging van de hCG-waarden. Uiteraard wordt dan ook een gynaecologisch controleonderzoek verricht via echografie ter bevestiging van de eventuele zwangerschap

 
Foto