Fertility Belgium

Medicatie

De medicatie die wordt toegediend tijdens een ivf-behandeling valt grosso modo in 2 subgroepen onder te verdelen:

  1. Stimulatiemedicatie
  2. Medicatie ter ondersteuning van de innesteling

De samenstelling van de medicatie kan uiteraard steeds aangepast of uitgebreid worden met specifieke producten naargelang de individuele situatie.

1. Stimulatiemedicatie


In een eerste fase van een ivf-behandeling wordt een zogenoemde ovariële stimulatie doorgevoerd. Dit wil zeggen dat er medicatie wordt gegeven aan de vrouw om zodat haar eierstokken meerdere eicellen kunnen produceren. Bij elke vrouw groeien er immers elke maand enkele tientallen onrijpe eicellen. In een natuurlijke cyclus wordt hieruit 1 (maximaal 2) eicel geselecteerd, alle andere sterven af. Bij een ivf-behandeling proberen we echter om via stimulatie meerdere eicellen dan die ene (bijvoorbeeld 8 à 10) te laten rijpen. Deze stimulatiemedicatie heeft een gelijkaardige werking als het natuurlijk follikelstimulerend hormoon (FSH).

De stimulatiemedicatie wordt toegediend in de vorm van inspuitingen. Tot voor kort kon dit enkel via intramusculaire inspuitingen, die door een verpleegster of arts dienden te worden verricht, maar sinds enkele jaren bestaan er nu ook zeer gebruiksvriendelijke ‘injectiepennen'. Hierbij wordt de dosis ingesteld op de pen en kan de inspuiting subcutaan in de buikwand doorgevoerd worden. Deze inspuitingen zijn nagenoeg pijnloos en makkelijk door de patiënt zelf toe te dienen. Er bestaan verschillende varianten van stimulatiemedicatie. Het kan bijvoorbeeld zuiver FSH-gerichte medicatie zijn, of de FSH-medicatie kan ook gecombineerd worden met het luteïniserend hormoon (LH). De exacte dosis en samenstelling van de medicatie wordt bepaald op basis van de voorgeschiedenis (bijvoorbeeld de ovariële reactie en eicelkwaliteit bij eventuele voorgaande cycli) en de leeftijd van een patiënt.

Hiernaast wordt tevens medicatie gebruikt om het spontaan op gang komen van de eisprong tegen te gaan. Het is immers belangrijk dat de punctie exact kan worden getimed op het moment dat zoveel mogelijk eicellen rijp zijn, zonder dat het lichaam zelf hierbij als stoorzender optreedt. Deze medicatie heeft een ingrijpende werking op de hypofysaire hypothalamische as.

Tot slot wordt tijdens de stimulatie nog een laatste inspuiting gegeven bij de zogenaamde triggering. Hierbij wordt de finale volgroeiing van de eicel ‘getriggerd'. Dit gebeurt exact 36u na de inspuiting.

2. Medicatie ter ondersteuning van de innesteling

Na de pickup en de bevruchting van de eicllen wordt uiteindelijk medicatie toegedien ter ondersteuning van de innestelingsfase en voor het rustig maken van de baarmoeder. Er wordt voornamelijk op natuurlijke mechanismen ingezet door de toediening van progesteron. Het progesteron is een natuurlijk hormoon dat na de eisprong wordt geproduceerd door de eierstokken met de bedoeling de baarmoeder te kalmeren en het baarmoederslijmvlies (of endometrium) ontvankelijk te maken. Bij een stimulatiecyclus kan het echter zijn dat er onvoldoende natuurlijk progesteron geproduceerd wordt, waardoor er uiteraard extra moet toegediend worden. Dit gebeurt in de vorm van vaginale tabletjes. Indien nodig wordt de eigen progesteronproductie ook nog ‘ns geactiveerd via inspuitingen.

Tot slot wordt in sommige gevallen ook een lage dosis spierrelaxatie en/of kinderaspirine toegediend om de doorbloeding van het endometrium te verbeteren en de uterus rustig te stellen.