Fertility Belgium

Bijzonderheden

Als een spermastaal voldoende bewegelijke zaadcellen bevat en er zijn ook voldoende eicellen, wordt rechtstreekse bevruchting toegepast. Indien het spermastaal niet voldoet aan de vereiste voorwaarden bestaan er alternatieve behandelingen, die ook in ons fertiliteitscentrum kunnen worden toegepast. Zulke behandeling zijn bijvoorbeeld ICSI, MESA, TESE, Assisted Hatching, PGD of PGS

Intracytoplasmatische Sperma-Injectie (ICSI)

Bij de ICSI-techniek (Introcytoplasmatische Sperma-Injectie) wordt met een ICSI-naald per eicel één enkele zaadcel geïnjecteerd in het celplasma van de eicel. Zo'n ICSI-naald is slechts 7/1000 van een millimeter breed (buitendiameter). De zaadcel wordt door de celwand in de eicel zelf gebracht. 

ICSI wordt toegepast wanneer er te weinig zaadcellen van goede kwaliteit zijn om een spontane penetratie door de celwand van een eicel te realiseren, of wanneer de zaadcellen door een te lage motiliteit (= bewegelijkheid) te zwak zijn. 

 
Foto

Door de op puntstelling van ICSI in 1993 werd het mogelijk om in de overgrote meerderheid van alle gevallen van mannelijke vruchtbaarheidsstoornis een bevruchting te realiseren.

Microscopic Epididymal Sperm Aspiration (MESA)

MESA is een ingreep waarbij onder volledige anesthesie rijpe zaadcellen uit de bijbal (epididymis) worden genomen. Een dergelijke ingreep wordt toegepast bij mannen waarbij het sperma geen zaadcellen bevat, bijvoorbeeld door een geblokkeerde doorgang bij de zaadleiders (obstructieve azoöspermie). Zo'n blokkage kan aangeboren of verworven zijn, maar vaak is de specifieke oorzaak niet gekend. Een typische indicatie is een hernieuwde kinderwens bij een man die voorheen een sterilisatie onderging (afbinden van de zaadstreng). 

Testicular Sperm Extraction (TESE)

Wanneer er geen zaadcellen kunnen worden gevonden in het ejaculaat van de man, worden via TESE de zaadcellen rechtstreeks uit de teelbal (testis) gehaald.  Vervolgens worden de gewonnen zaadcellen dan via ICSI in de eicel gebracht. Een nadeel aan een TESE-procedure is dat de kans op een zwangerschap per cyclus iets lager ligt dan bij een gewone ICSI-poging, omdat de zaadcellen dikwijls nog zeer onrijp zijn.

Assisted Hatching

Deze techniek wordt gebruikt ter bevordering van de innestelingsfase. In het bijzonder bij patiënten met herhaald falen van de innesteling, kan het belangrijk zijn om de wand rond het embryo te verzwakken. Bij assisted hatching worden met een ultraviolet-laser gaatjes gemaakt in de zona pellucida (de wand) van het embryo, om zodoende de embryonale structuren sneller te laten doorgroeien en contact te laten maken met het baarmoederslijmvlies (endometrium). Bij de nieuwste technieken wordt echter een verdunnen van de wand beoogd, eerder dan het maken van gaatjes, om op die manier alle thermische effecten op de blastomeren te vermijden (assisted thinning)

Pre-implantatie Genetische Diagnostiek (PGD) of Screening (PGS)

Bij koppels die drager zijn van een genetische aandoening en die op zich eigenlijk zelfs geen fertiliteitsproblematiek hoeven te hebben, kan PGD toegepast worden. Bij deze methode worden in het achtcellig embryonale stadium één of twee blastomeren weggenomen voor genetisch onderzoek. Tijdens dit onderzoek worden de embryo's verder 'gekweekt'. Enkel de embryo's die geen drager zijn van de specifiek onderzochte genetische aandoening worden teruggeplaatst. Op die manier kunnen ziektes als de ziekte van Duchenne of de ziekte van Huntington vermeden worden, en bovendien voorgoed uit de familiale stamboom verwijderd worden. Recent wordt deze techniek bijvoorbeeld ook toegepast in families met de erfelijke vorm van borstkanker. Een probleem is echter dat uiteraard niet alle genetische aandoeningen opspoorbaar zijn binnen de kort beschikbare tijd (2 dagen) en opspoorbaar zijn op één of twee cellen.

Bij PGS wordt een meer veralgemeend chromosomaal onderzoek doorgevoerd op één of twee blastomeren, die eveneens in het achtcellige stadium weggenomen worden. Op die manier kunnen chromosomale afwijkingen zoals bijvoorbeeld het Down-syndroom, vermeden worden. Bijvoorbeeld bij herhaald falen van implantatie wordt soms vastgesteld dat er een verhoogd voorkomen is van chromosomale afwijkingen. Hier kan PGS eventueel een oplossing bieden. 

Ook geslachtsselectie kan via deze weg bereikt worden, maar dit is in België wettelijk strikt gelimiteerd tot medische indicaties (bijvoorbeeld zware geslachtsgebonden familiale aandoeningen). De zogenaamde 'design baby's' zijn tot op vandaag nog niet mogelijk, en alleszins bestaat er hoe dan ook nog geen wettelijk kader hiervoor.

De dissectie van het embryo met het vrij prepaperen van de te onderzoeken cellen gebeurt in het fertiliteitscentrum van het AZ Jan Palfijn. Daarna worden de cellen in het aangepaste medium - al naar gelang de medicatie - overgebracht naar het genetisch centrum van het Universitair Ziekenhuis Gent of Brussel, waarmee het AZ Jan Palfijn samenwerkingscontracten heeft.

De corona-test (of eicelcompetentietest)

Via de eicelcompetentietest kunnen we de mogelijkheden van de eicel inschatten om te evolueren tot een normale, gezonde baby na ivf/ICSI. Hierbij worden de cumuluscellen getest  en wordt geanalyseerd welke eicel het grootste potentieel heeft op een zwangerschap eenmaal ze na de bevruchting getransfereerd wordt in de baarmoeder. De cumuluscellen zijn de voedingscellen die rond een eicel zitten in de follikel, en die bij de eicellen mee geaspireerd worden bij de follikelpunctie na de hormonale stimulatie.  De zwangerschapscijfers per transfer kunnen dankzij deze test nagenoeg verdubbeld worden van 27% tot 63%, en dit bij een single embryo transfer. Dat leidt tot een live birth rate van ongeveer 55% na transfer van één enkel embryo op dag drie, in tegenstelling tot 25% bij de klassieke ivf-behandeling.

De test is gebaseerd op het meten van de genexpressie van 5 specifieke genen bij alle eicellen die bij een patiënte gewonnen worden na een ivf-punctie. De genexpressie is duidelijk op de eicel, maar ook op de cumuluscellen (die normaal gezien verloren gaan en vernietigd worden na de punctie). De cumuluscellen, of coronacellen, worden geïsoleerd van de eicel en het ribonucleïnezuur (RNA) wordt geëxtraheerd van deze cellen. Hierna wordt cDNA-synthese en real-time polymerasekettingreactie (PCR) toegepast op drie predictieve genen en twee controlegenen. Op die manier kan er een kwantitatieve ranking opgesteld worden voor de eicellen, waardoor de eicel met het grootste implantatiepotentieel kan geselecteerd worden.

Prospectieve klinische studie toonde aan dat de klinische zwangerschapscijfers (positieve echo) stegen van 27% tot 63% in een vergelijkende studie met het klassieke ivf. Dit is alleszins enkel het geval bij patiënten die ivf/ICSI ondergingen na een HP/hMG-stimulatie. De toepassing van deze cumuluscellentest is op dit moment nog enkel geldig voor een bepaalde deelgroep van ivf-patiënten. Zo is de bewijsvoering alleen geleverd bij de Menopur-stimulaties van patiënten waarbij aansluitend ICSI wordt toegepast. De mooiste resultaten zijn gerealiseerd bij patiënten tussen 22 en 38 jaar met een goede ovariële reserve, zodat inderdaad een selectie van de eicellen kan plaatsvinden. Bij extreme mannelijke fertiliteitsstoornissen is de test nog niet 100% toepasbaar. Uiteraard wordt geopteerd voor single embryo transfer, gezien anders het meerlingsrisico dramatisch oploopt.

De test wordt momenteel nog niet terugbetaald, en kost ongeveer 1400€. Dit bedrag omvat zowel de kosten voor de voorbereidingen, het transport en de test zelf. Indien de coronatest niet kan doorgaan omdat er bijvoorbeeld te weinig eicellen zijn of omdater geen bevruchting kan plaatsvinden, worden enkel de voorbereidingskosten aangerekend (700€). In geval van te weinig eicellen kan hoe dan ook niet onderhandeld worden voor een lagere prijs.